Doe je wat zin heeft of wat je wilt?
“We mogen gepolariseerd zijn, gescheiden tot op het bot over kwesties als vuurwerk, stikstof en asielzoekers, maar we zijn het over één ding eens. Welvaart is onze liefdesbaby en de baby moet gevoed worden.
Het woord ‘economie’ kwam tien keer voor in de troonrede. Het woord ‘welzijn’ nul keer. Het woord ‘kabinet’ werd zeventien keer genoemd. ‘Kunst’ nul keer. De paradox is dat we steeds rijker worden, maar ons toch steeds armer voelen. We winnen steeds meer tijd door AI, maar krijgen steeds vaker een burn-out. Ra, hoe zou dat toch kunnen?”
Onlangs was ik uitgenodigd op de Vrijwilligersmarkt van HellendoornDoet! in de tent van Bruisend Nijverdal. Talloze organisatoren stonden daar om vrijwilligers te werven voor werk dat anders blijft liggen. De mensen van hospice Noetsele geven aandacht aan mensen in de laatste levensfase.
Stichting Vang je in droom laat wenen uitkomen van kinderen in een kwetsbare thuissituatie, soms zo simpel dat je hart breekt als je hoort: ‘Ik wil graag een bed hebben.’
Ik slenterde langs de standjes en vroeg vrijwilligers waarom ze deden wat ze deden. Enthousiast vertelden ze: “Hier kan ik echt van betekenis zijn. Hier komt mijn kennis echt van pas. Het geeft mij zoveel, meer dan ik geef”.
De bedoeling was dat ik aan het einde van de vrijwilligersmarkt een inspiratie speech zou geven, maar wie ben ik om iemand te inspireren? Met die woorden begon ik dus maar.
Ik vraag overal geld voor. Sta niet bekend om mijn inzet voor anderen. Ga je verhuizen? Mij niet bellen. Moet er iemand vlaggen bij de voetbal? Ik kan dat niet, hoor. Zelfs mijn moeder ziek werd, kwam er geen zorgzame Femke in me naar boven.
“Zal ik je even helpen douchen?” vroeg ik wel eens, en was dan dankbaar als ze nee zei.
Daar stond ik dan, tegenover de vrijwilligers in Nijverdal. Ze hadden al een hele middag gestaan, het was warm, ze leken moe. Ze keken me aan alsof ze zeiden: “Inspireer me maar, dan kan ik naar huis’. De enige opsteker die ik te bieden had, was de kennis dat mensen die weten waarom ze doen wat ze doen, vaak gezonder en gelukkiger lijken te zijn en zelfs wat langer leven. “Zinvol werk doe je dus in feite voor jezelf, stelletje egoïsten!”, grapte ik, waarmee ik ze in ieder geval liet lachen.
De paradox is dat we steeds rijker worden, maar ons steeds armer voelen
In de zogenaamde blauwe zones op de wereld, waar mensen bovengemiddeld lang en vitaal leven, is het weten waartoe je hier op aarde bent echt een ding. Ze reflecteren regelmatig op hun ikigai of plan de vida.
Zelf, zo bekende ik, had ik ontdekt dat het mijn taak was mensen in de war te maken. Ik ben daar zo goed in; ieder zijn talent. En het is nodig! Lachende, verwarde mensen gaan nadenken over wat (on)zin is.
Het woord ‘bezinning’ kwam nul keer in de troonrede voor. Onze liefdesbaby krijst en jammert. Gooit buien en staven op treinsporen. Wil zijn pak koekjes niet delen. Heeft geen zin in een boxdiscussie. Een moddervette, stomvervelende baby. Moeten zijn billen gewassen? Mij niet bellen.